Actieplan Utrecht zijn we samen Praktijkverhaal: Jezelf kunnen zijn als moslimjongere

Wat doe je als jongere wanneer iemand je uitscheldt omdat je moslim bent? En hoe reageer je wanneer je moeder met een hoofddoek in de supermarkt als enige haar tas moet openen voor een controle? Hoe kan je jezelf zijn als jongere moslim? Via themabijeenkomsten hoopt Art. 1 Midden Nederland houvast te geven.

Ongeveer één op de zes Utrechters voel zich volgens de Utrecht Monitor weleens gediscrimineerd. Yassin Harira, student Sociaal Werk aan het ROC Midden Nederland weet uit eigen ervaring hoe dat voelt. Of het nou is in de supermarkt, waar zijn moeder anders wordt behandeld dan ‘Petra met de blauwe ogen’ of tijdens het zinloze solliciteren naar een stageplek. “Het was zelfs lastig om mijn docent ervan te overtuigen dat ik op sollicitaties totaal geen reacties kreeg terwijl er wel mensen nodig waren. Je voelt je boos, vernederd, teleurgesteld. Ik heb een Marokkaanse achternaam, maar ben gewoon geboren Nederlander.”

Ondersteuning

Yassin wilde niet in zijn gekwetstheid blijven hangen en meldde zich voor de themabijeenkomst ‘Jezelf zijn als moslim in Utrecht’ van Art. 1 Midden Nederland. Het expertisecentrum zet zich in voor gelijke behandeling. Beleidsmedewerker Alper Alasag leidt de bijeenkomsten sinds 2018. De gemeente zorgt voor ondersteuning via Utrecht zijn we Samen. “De jongeren groeien op met negatieve, beladen verhalen. Ze krijgen bijvoorbeeld van anderen te horen dat de islam iedereen wil bekeren. Hun vragen zijn aanleiding geweest voor de inhoud van de bijeenkomsten. Wat moet ik met al die negativiteit? Wat zegt de koran eigenlijk precies over geweld en dialoog? Met die kennis hopen we ze meer houvast te geven.”

Diversiteit, heilige oorlog, islamofobie. Het zijn allemaal onderwerpen waar Alper veel aandacht aan besteedt. “Ik ga met de jongeren terug naar de bron, de koran, voor het vinden van antwoorden op de vragen. Teksten worden vaak uit hun context gehaald om als munitie te gebruiken, ik hoop deelnemers de juiste verbanden te laten zien. In de koran staat bijvoorbeeld dat je jezelf in een oorlogssituatie mag verdedigen, maar je leest veel vaker over het belang van vreedzaamheid en het goede doen.”

Sterker maken

Heet van de naald reageren is zelden vruchtbaar, zegt hij. “Vragen stellen en de dialoog aangaan levert meer op. Ik leer de jongeren het nut in te zien van afstand nemen, discriminerende uitlatingen een plaats te geven in een groter verhaal. Dat maakt ze sterker, weerbaarder.”

Ook Oualid Izdouzen, klasgenoot van Yassin, was deelnemer aan de bijeenkomsten. Het lukte hem eveneens lange tijd niet een stageplek te vinden. “Terwijl een Nederlandse vriend van mij direct werd aangenomen bij een bedrijf waar ik ook had gesolliciteerd. Dat raakt je, natuurlijk. Ze kennen me helemaal niet, zien alleen een vreemde naam en trekken verkeerde conclusies.”

Hij vindt de berichtgeving van media over de islam vaak negatief en ziet dat als een belangrijke oorzaak van discriminatie. “Ik wilde weten hoe het allemaal precies zit en daarom ben ik aan de bijeenkomsten begonnen. Negativiteit werkt niet, je kan beter positieve berichten op sociale media zetten, dat helpt wel om mensen te verbinden.”

Multiculti

Net als Yassin is hij meer de waarde van de dialoog gaan inzien, ook in kleine kring. “Ik heb een multiculti-vriendenkring. Soms kun je twijfels over iemand hebben, maar als je daarover praat ontdek je vaak: hij is toch wel een topkerel, of zij een topdame.”

Positief zijn, niet in de slachtofferrol kruipen. “Daarmee kom je al een heel eind,” zegt Alper. “Er gebeuren veel mooie dingen, denk alleen maar aan de vele gemengde iftar-maaltijden tijdens de ramadan. Moslims zouden zulke gebeurtenissen veel actiever bekend kunnen maken.”

Zolang hij zich kan herinneren, houdt Alper zich bezig met het discriminatie-vraagstuk. “Niet alleen professioneel, maar ook als vrijwilliger. Ik hamer op het aangaan van de dialoog. In hokjes denken leidt nergens toe. Ik zie jongeren daarmee worstelen en hoop hun horizon te verbreden. Het doet me goed dat jongeren als Yassin en Oualid zelf een bijdrage willen leveren aan meer begrip en verbinding. Uiteindelijk moet iedereen zich thuis kunnen voelen in Utrecht.”

Onderzoek

De gemeente is met Utrecht zijn we Samen volgens hem aardig op de goede weg. “Maar de aandacht mag niet verslappen, discriminatie en islamofobie zijn nog altijd grote problemen voor jongeren. Dat blijkt ook uit onderzoek dat we hebben gedaan. Een half procent van de Utrechters doet melding van discriminatie, maar dat is het topje van de ijsberg. Op basis van de resultaten van ons onderzoek gaan we samen met de gemeente kijken wat de beste aanpak is.”

Yassin: “Het is belangrijk dat Artikel 1 er is, dat er moeite wordt gedaan om discriminatie te verminderen. Dat je merkt dat je niet de enige bent. De bijeenkomsten zijn goed en interessant geweest, ik ben nu toe aan verdere verdieping.”

Yassin en Oualid hebben uiteindelijk een stageplek gevonden via de stichting Asha waarvan Radj Ramcharan secretaris is. Ze helpen leerlingen van basisschool Da Costa met huiswerkbegeleiding, ondersteunen ouderen bij taal- en computerlessen in buurthuis Oase en doen mee aan dialoogbijeenkomsten over uiteenlopende onderwerpen. Radj Ramcharan. “Ik vind het belangrijk jongeren aan stageplekken te helpen, die zijn onmisbaar voor hun toekomst. Het is sneu wanneer jongeren een paar jaar strijden voor hun diploma en dan de opleiding niet kunnen afmaken omdat de stage buiten hun schuld om niet is gelukt. Zoiets vreet aan hun zelfvertrouwen en maakt de kans op afglijden groot. Dat wil niemand en moeten we absoluut proberen te voorkomen.”

Ruim zeventig procent van de Utrechtse moslims voelt zich weleens gediscrimineerd, blijkt uit recent onderzoek naar islamofobie en moslimdiscriminatie.  “Dat is schokkend hoog en we doen dan ook ons uiterste best om daar verandering in te brengen,” zegt beleidsadviseur Lisalotte Lemmen.
Na de aanslagen op 2 moskeeën in Nieuw-Zeeland in 2019 ging de gemeente om de tafel zitten met maatschappelijke organisaties om te praten over een intensievere aanpak van islamofobie in Utrecht. Conclusie: er moest eerst onderzoek worden gedaan om beter zicht te krijgen op de problematiek. De resultaten van het onderzoek, dat Art. 1 Midden Nederland liet uitvoeren, zijn net bekend. “We gaan nu goed bekijken in hoeverre de aanbevelingen onderdeel kunnen zijn van onze nieuwe antidiscriminatie-agenda. Daarin zal vrijheid van levensbeschouwing een belangrijk thema zijn.”

Hulp en contact Utrecht zijn we samen

Telefoon

030 - 286 28 32

E-mail

uzws@utrecht.nl